Arbeidsmigrant mag WW straks maximaal halfjaar meenemen naar land van herkomst

Poolse arbeidsmigranten die in Nederland werken en die er hun baan verliezen, mogen hun werkloosheidsuitkering straks maximaal zes maanden in hun thuisland ontvangen. Dat zijn de EU-lidstaten, het Europees Parlement en de Europese Commissie dinsdag overeengekomen.
Tot nu toe konden Polen en andere werkmigranten uit de Europese Unie hun Nederlandse WW-uitkering hooguit drie maanden naar hun woonland meenemen. Het kabinet is dan ook niet blij met de deal over onder meer de zogeheten ‘export-WW’. Nederland heeft zich met Duitsland, België, Oostenrijk, Denemarken en Luxemburg fel verzet tegen de verlenging met drie maanden.

Minder grip op sollicitatie-inspanningen
Die landen hebben echter het onderspit gedolven tegen een meerderheid van voorstanders, waaronder Spanje, Frankrijk en Italië. De belangrijkste vrees van Nederland en de andere Noordwest-Europese lidstaten is dat ze ‘minder grip’ krijgen op de sollicitatie-inspanningen van arbeidsmigranten die werkloos worden en die zich in hun geboorteland bevinden.
Volgens de Nederlandse wetgeving moet een WW’er als tegenprestatie voor zijn uitkering verplicht solliciteren en passend werk aannemen. Uitkeringsinstantie UWV houdt hier toezicht op. Maar als de werkloze zich buiten Nederland bevindt, kan het volgens minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken veel moeilijker zijn om hem te ‘prikkelen’ weer aan de slag te gaan. Koolmees maakt zich naar eigen zeggen ‘zorgen’ hierover.

Maand wachten op export-WW
Lichtpunt voor Nederland is wel dat arbeidsmigranten volgens het akkoord pas na één maand werken in Nederland recht krijgen op een werkloosheidsuitkering. Nu kunnen werknemers in Nederland aanspraak maken op de ‘gewone’ WW als zij 26 van de 36 weken in de EU hebben gewerkt (waarvan minstens één dag in Nederland). Zij moeten dan wel in Nederland blijven en er solliciteren.
Daarnaast kent Nederland nog de ‘export-WW’ voor Europese arbeidsmigranten. Deze WW mag worden genoten in het thuisland, maar alleen als de werkmigrant dat eerst heeft aangevraagd en toestemming heeft gekregen. Hij moet dan wel eerst vier weken verplicht in Nederland blijven en mag daarna vervolgens hoogstens drie maanden naar een andere EU-lidstaat.


Beschermen sociale zekerheid
Er lag tot grote onvrede van onder meer Nederland en België een EU-voorstel om arbeidsmigranten straks al na één dag het recht te geven op een export-WW, maar dit plan heeft het niet gehaald. De wachttijd van een maand, die dinsdag wel is overeengekomen, moet de socialezekerheidsstelsels in EU-lidstaten beschermen tegen misbruik. In België geldt overigens anders dan in Nederland nu de eis dat een werkloze drie maanden moet wachten voor hij aanspraak kan maken op een werkloosheidsuitkering. Belgie is dan ook nog steeds niet tevreden.